Zorgen moet je doen, niet maken…!

Is een tekst die Loesje ooit schreef, en de voorbije twaalf maanden schoot deze tekst regelmatig door mij heen, omdat wij het afgelopen jaar niet alleen extreem veel (mantel)zorgden maar ons daarnaast ook veel zorgen gemaakt hebben over onze dochter en haar jonge gezin.

En ik kan je verzekeren dat is topsport bedrijven, je wordt wakker gebeld om 3 uur ’s nachts door je schoonzoon en het mantelzorgen en zorg hebben begint. Je bent daar totaal niet op voorbereid, laat staan voor toegerust, maar je (mantel)zorgradertje start en staat, ook nu nog, steeds op scherp.

Er waren regelmatig lieve dierbaren die zich bezorgd afvroegen ‘of we dit vele mantelzorgen wel volhielden’, maar die vraag stonden we onszelf niet toe. We kenden de noodzaak, eentje die nog versterkt werd door het feit dat onze dochter en haar gezin, nog maar drie weken ervoor verhuisd waren op het moment dat haar de eerste twee herseninfarcts overkwam en in hun nieuwe woonplaats nog totaal GEEN netwerk hadden.

Als vier grootouders hebben we de mantelzorgtaak van het jonge gezin van (schoon)dochter (33) en (schoon)zoon (34), kleindochter (3) en kleinzoon (5) op ons genomen en nu, achterom kijkend, denken we dat, mede daardoor het gezin zo goed als maar kon is door blijven draaien.

Vergeet niet dat wij daarbij ons al die tijd zeer gesteund hebben gevoeld door de betrokkenheid van onze kinderen en schoonkinderen. Zij hebben, waar ze konden, zich ook ingezet voor hun zus en haar gezin. Of dat nu was door haar met grote regelmaat te bezoeken in het ziekenhuis en in het revalidatiecentrum en later thuis, door het wegbrengen van haar zoontje naar zijn voetbalwedstrijd, dingen te bedenken voor onze dochter waarmee ze de dagelijkse sleur van het revalidatiecentrum kon veraangenamen, meegaan met haar als ze een aangepast stel schoenen gaat kopen, praten en ook lachen met haar en vooral luisteren en proberen in te voelen wat ze meemaakt en mee te denken, enzovoort. En nog steeds! Wij voelen aan haar dat deze betrokkenheid op haar én haar gezin enorm veel voor haar betekent.

Familieband
Wat ik er mee wil zeggen is dat onze onderlinge familieband alleen maar sterker is geworden het voorbije jaar en regelmatig denken we trots aan alles wat onze kinderen en kleinkinderen betekenen voor elkaar en voor ons.

Niet te vergeten ook de steun die wij de afgelopen twaalf maanden gehad hebben van vrienden en familieleden. Een uitnodiging voor een etentje of lunch, een meeleefkaartje in de brievenbus of een boeketje bij de voordeur. Een informerend en opbeurend telefoontje of een uitje omdat iedereen wel door had dat de tijd voor uitjes ‘in tijden van stress en verdriet’ juist dan zeer gewaardeerd worden en nodig zijn. In tijden van zorg ontdek je wie je echte vrienden zijn en hoe belangrijk vriendschap is met vrienden én familie. Enorm was en is hun betrokkenheid, niet alleen naar ons toe maar ook naar onze dochter en haar gezin.

Een jaar verder
Al schrijvend verwerk ik mijn emoties en daarom heb ik in het afgelopen jaar met de regelmaat van de klok per brief, mail, telefoon of sms veel dierbaren‘op de hoogte’ gehouden van het wel en wee van onze dochter en ook van ons eigen wel en wee.

Want het lijkt misschien vreemd, maar onze dochter die een jaar geleden nog 62 ballen tegelijk in de lucht kon houden en zeer zelfstandig en doortastend kon ‘opereren’, waarbij ze ons als ouders weleens versteld deed staan van haar snelheid van beslissingen nemen en actie ondernemen, werd (gevoelsmatig) in één klap weer ineens heel erg ons kind, dat soms dag én nacht in onze gedachten was. Nadere uitleg is denk ik niet nodig…

Actie
Onze dochter was alweer heel ver op weg in haar revalidatieproces, na de eerste twee herseninfarcts in april 2009, toen haar in juli van hetzelfde jaar een derde en nog weer zwaarder herseninfarct overkwam. Zowel lichamelijk als psychisch heeft dit grote conseqenties gehad voor haar. Conseqenties waarvan ze nog elke dag de gevolgen ondervindt.

Met behulp van therapeuten werkt ze keihard aan de revalidatie van haar linkerbeen en linkerarm. Gelukkig is haar spraak steeds beter aan het worden en als ze soms… even uit haar slof schiet naar de kinderen en dus echt even de volle aandacht opeist voor haar mening, dan lijkt het zelfs of ze haar ‘oude’ stem weer terugheeft.

Zij is en blijft natuurlijk de kanjer die ze is en altijd geweest is. Een dochter met power en een sterke wil, soms een tikkeltje eigenwijs maar ook dat hoort ook bij haar.
Op enig moment kregen we een mailbericht dat zij, van huis uit, haar eigen administratiekantoor wilde gaan beginnen. Een kantoor bedoeld voor kleine, startende ondernemingen.

Een geweldig plan vonden wij. Ze kan haar eigen maximum aantal uren daarbij bepalen, zodat ze voldoende tijd over heeft voor mijn gezin. Inmiddels heeft ze de nodige klanten en haalt ze enorm veel voldoening uit haar werk!

We zijn supertrots op onze dochter. Haar eerste woordjes waren ´zelluf doen´ en die eigenschap komt haar met name nu heel goed van pas.

Onze mantelzorgtaken zijn nog steeds nodig al moeten wij er nu ook op letten dat we regelmatig ´gas terugnemen´ en aan haar zaken overlaten die ze zelf kan, ook al voelen we ons daarover soms bezorgd. Want ook dat is mantelzorgen. ´Zorgen moet je doen, niet maken!`en vooral ook niet vergeten om ook een beetje goed voor jezelf te zorgen! Maar wat het allerbelangrijkste is: het komt wel goed met onze dochter. Daar geloven wij in!

Een mantelzorgende moeder en oma